visie

De wens om te werken met een ONDERZOEKBOEK komt voort uit de wens om verbeeldingskracht te helpen ontwikkelen. Het werkt ook andersom, om de kracht van verbeelding te mogen ervaren.

Psycholoog Vygotsky zegt over het nut van verbeelding:

“… Verbeelding is in de meetkunde even noodzakelijk als in poëzie. Alles wat een artistieke transformatie van de werkelijkheid vereist, alles dat verband houdt met interpretatie en constructie van iets nieuws, vereist de onmisbare deelname van verbeelding ”(Vygotsky, 1998 p.153 *)

&

“… verbeelding, als basis van alle creatieve activiteiten, is een belangrijk onderdeel van absoluut alle aspecten van het culturele leven en maakt zowel artistieke, wetenschappelijke als technische creatie mogelijk” (Vygotsky, 2003, pp. 9-10 *)

Mijn eigen onderzoek richt zich sinds kort op het werk van pedagogisch filosoof Kieran Egan (1942). Hij is de bedenker van o.a. Imaginative Education en van Learning in Depth. Daarover meer onderaan dit blog. Eerst over de mogelijkheden van een ONDERZOEKBOEK:

ONDERZOEKBOEK voor volwassenen

Veel volwassenen werken met notitieboekjes, schriften, agenda’s, schetsboeken, of op losse blaadjes, met daarvoor talloze goede redenen. Het wordt pas een ONDERZOEKBOEK als je hiermee bijvoorbeeld:

  • een wens hebt tot verandering
  • een groter doel na wil streven
  • als je tekenen, schrijven, beeld verzamelen in één boek combineert
  • en daarmee onderzoek doet of …
  • juist wil aanrommelen om te ontdekken wie je bent en wat je wilt
  • jezelf ruimte gunt te verdwalen, te blooperen, te experimenteren
  • autonoom en authentiek durft te zijn/worden
  • plannen laat groeien en concreet maakt

ONDERZOEKBOEK voor kinderen

Voor kinderen is een ONDERZOEKBOEK een stuk laagdrempeliger, zij zijn van nature onderzoekers en kunstenaars en hoeven daar geen ander doel aan te verbinden, dan de wil om te ontdekken en te weten. We vragen ze hun nieuwsgierigheid te volgen. Het boek kan voor hen een plek zijn, waarin zij:

  • al hun ideeën kwijt kunnen
  • zichzelf durven uiten zonder commentaar te krijgen
  • leren experimenteren en mogen aanrommelen
  • leren reflecteren, vooruit en achteruit denken
  • mogen dromen
  • groeien en zich ontwikkelen
  • ruimte en tijd krijgen en, naarmate ze ouder worden ook tijd leren nemen
  • zichzelf leren kennen

Wat mij tot nu toe raakt in het gedachtegoed van Kieran Egan

Ik vertaal een stukje van zijn Imaginative Education, tips voor Fantasierijke Leerkrachten in mijn eigen woorden en ervaringen en koppel dit zo nu en dan aan het ONDERZOEKBOEK

1 Vind jouw verhaal

Vind een emotionele connectie met een onderwerp, als je dit wilt onderwijzen aan anderen. Waar zit jouw verwondering? Daarmee inspireer je namelijk de ander. Je verbindt jouw emotie aan informatie. Die informatie wordt voor de ander invoelbaar en daardoor van grotere betekenis. Je toehoorder raakt betrokken. Ik herinner me hoe taalkundige Wim Daniëls sprak over ‘De komma’. En eerlijk, elke keer als ik een komma plaats, denk ik aan zijn verhaal. Zijn liefde voor dat kleine leesteken, heeft hij weten over te dragen.

* 2 Vind een bron van dramatische spanning

Om grip op de wereld te krijgen, verdelen we gebeurtenissen in tegenstellingen als bijvoorbeeld goed en kwaad. Er zit altijd spanning in tegenstellingen, zoals gevaar-veiligheid, of vrijheid-onderdrukking. Ik moet denken aan kunstenaar Christo, die door het verhullen van gebouwen (hij pakte ze in, met doeken) juist de vorm onthulde. Ik denk ook aan een tekenopdracht die je kunt geven in een ONDERZOEKBOEK: combineer aarzelende lijnen met doortastende lijnen. Welk materiaal past bij aarzelend, welke stift/verf grijp je voor doortastend? Hoe zit dat met kleur? En met jouzelf?

* 3 Mentale afbeeldingen oproepen met woorden

Hoe je als leerkracht, je leerling een eigen beeld laat maken in zijn hoofd, door je passievolle woorden en verhaal. Zo stimuleer je verbeeldingskracht. Ik denk aan de training Procesgerichte Didactiek van Karin Kotte. Ze roept express clichébeelden op als ze vraagt: ‘Teken allemaal een vis.’ (iedereen komt met hetzelfde visje). Kotte schakelt door naar het ophalen van ervaringen van leerlingen met vissen, laat vervolgens kijken naar bijzondere afbeeldingen van vissen of raadt aan eens naar de viskraam op de markt te gaan samen. Egan schakelt hier echter naar het vertellen van een verhaal. Als hij het onderwerp ‘walvis’ introduceert, vertelt hij eerst over het hart van de walvis, dat zo groot is als een kleine auto. Dat het walvishart bloed rondpompt door aderen waar een klein kind doorheen kan kruipen… Op dat moment begint zich in de hoofden van de leerlingen een geheel eigen beeld te vormen, hun betrokkenheid en energie worden voelbaar. Ik zie het belang van al die manieren, wat past goed bij jou?

* 4 Metaforen zijn belangrijk

Met metaforen vergroot je de mogelijkheid om je dingen voor te stellen. Het is een superbelangrijk hulpmiddel in educatie. Onze taal is doorspekt met metaforen en je hoeft niets speciaals te doen om ze te leren gebruiken, het gaat vanzelf met je taalontwikkeling. Jammergenoeg is er aanleiding te geloven dat je al op 5 jarige leeftijd op je hoogtepunt bent qua metaforische kundigheid. Daarna neemt het af (Sir Ken Robinson verwijst in zijn TEDtalk naar het onderzoek met de zwarte paperclips). Goede reden om als fantasierijke leerkracht zelf veel metaforen in je onderwijs te gebruiken en je leerlingen aan te moedigen om dat ook te doen. Voor de ontwikkeling van mijn ideeën rond het werken met een ONDERZOEKBOEK, heb ik de metafoor van een boom gebruikt. Deze metafoor helpt me nu vooral bij het volhouden van dit project, namelijk dat je de boom niet dagelijks ziet groeien, maar dat ie dat wel degelijk doet!

* 5 Lachen, spelen en puzzelen

Humor kan een groep gapende, verveelde leerlingen omturnen in een groep grappenmakende, inventieve en onderzoekende geesten. Spelen en speuren helpt ook. Presenteer je leerstof daarom als een mysterie dat opgelost kan worden. Bedenk avonturen of laat je leerlingen ze zelf verzinnen. Speel samen een spel en ontrafel geheimen. Een ONDERZOEKBOEK is bij uitstek een speelse omgeving waar geen fouten in gemaakt kunnen worden en dus ook geen correcties. Je kunt er wel geheime secties in maken met vakjes die niemand weet…

Afsluitend

Onderwijsfilosoof  Kieran Egan stelt de verbeelding centraal in alle leerprocessen – zijn werk laat voortdurend zien hoe verbeeldingskracht een van de grote werkpaarden van alle leerprocessen is. De verbeelding vertegenwoordigt het vermogen om het mogelijke in alle dingen voor te stellen. De verbeelding is iets dat we kunnen opvoeden; we kunnen deze capaciteit verrijken bij onze studenten terwijl ze alle aspecten van het curriculum leren.

2 kernpunten voor leerkrachten:

1. De verbeelding speelt een rol bij al het leren.

2. Er zijn bepaalde cognitieve instrumenten die we gebruiken als fantasierijke wezens om de wereld te begrijpen. Dit zijn hulpmiddelen die leerkrachten kunnen gebruiken om het onderwijs betekenisvol, gedenkwaardig en inspirerend te maken. Die hulpmiddelen zijn verhaal, keuzevrijheid, humanisering, mysterie, verwondering, verhaalvorm, beeldspraak, ritme en patroon, humor, extremen en grenzen van de realiteit en nog veel meer.

Learning in depth

Dit boek van Egan moet ik nog lezen, maar op de site met dezelfde naam is al veel te vinden. In het kort: kinderen krijgen in groep 2/3 een onderwerp waar ze expert in worden. Tot en met groep 8 diepen ze dit onderwerp helemaal uit, maar alleen zoals ze zelf willen. Er wordt een portfolio aangelegd. Maar beter zou een ONDERZOEKBOEK zijn, waarin niet alleen de hoogtepunten een plek krijgen, maar waar plaats is voor het hele proces van onderzoek en creativiteit.

×